Rokende oma’s en kleinkinderen met autisme

Rookt je moeder? Dan is de kans dat jij een kind met autisme krijgt iets groter. Uit een nieuw onderzoek blijkt een verband te liggen tussen rokende vrouwen en kleinkinderen met autisme. Hoe dat precies zit? Kijk mee met het onderzoek.

Amerikaans onderzoek

Het onderzoek is terug te vinden op de website van het Engelse Pubmed en in het Britse wetenschappelijke vakblad Scientific Reports. Tijdens een studie kwam naar voren dat roken gevolgen kan hebben voor de volgende generatie, maar ook voor de generatie daarna. Er werden knaagdieren gebruikt om de effecten van het milieu op volgende generaties te bekijken. Maar ook werd een grote groep kinderen gedurende enkele jaren gevolgd. Hieruit bleek dat nakomelingen van rokende vrouwen hebben een iets verhoogde kans op autisme. Bij de volgende generatie werden er bepaalde gedragsafwijkingen en sociale problemen gezien, die mogelijk wijzen op autisme.

Wat heeft roken met autisme te maken?

Er wordt nog steeds veel onderzoek gedaan naar het ontstaan van autisme. Er is al lang bekend dat roken tijdens de zwangerschap een nadelige invloed op het ongeboren kind heeft. Zo hebben deze kinderen vaak een lager geboortegewicht en is de kans op vroeggeboorte groter. Bij een aantal kinderen zijn de hersenen kleiner. De website ingelicht.be meldt dat, wanneer de zwangere vrouw rookt, de kans op autisme 40 procent is. Dat is natuurlijk niet iets om zomaar naast je neer te leggen.

Bepaalde genen, of duidelijker nog: een beschadiging hiervan, zijn verantwoordelijk voor autisme. Niet altijd komt autisme duidelijk naar voren. Wel blijft de beschadiging bestaan. De beschadigde genen kunnen worden doorgegeven aan de volgende generatie. Dit verklaart waarom de derde generatie ook een verhoogde kans op autisme heeft.

Tabak belemmert de zuurstofopname. Dit is niet alleen merkbaar bij de roker zelf, maar zeker bij het ongeboren kind. Hierdoor raken bepaalde strengen DNA beschadigd. Nogmaals: deze beschadiging hoeft niet direct autisme te veroorzaken, maar geeft wel een verhoogde kans.

Lange termijn studie

Voor het onderzoek is er gebruik gemaakt van een lange termijn studie. Maar liefst 14.500 Engelse kinderen geboren tussen 1991 en 1992 werden gevolgd. De onderzoekers vroegen de ouders nog voor de geboorte van het kind naar hun rookgedrag, maar ook naar dat van hun eigen ouders (grootouders van het kind dus). Tijdens de jeugdjaren van het kind kregen de ouders meerdere keren een vragenlijst toegestuurd. Ook werden de kinderen bij een lokale kliniek onderzocht.

Uit de studie bleek dat kinderen van rokende oma’s meer autistische kenmerken vertoonden dan kinderen van niet-rokende oma’s. Het effect van rokende oma’s was het grootst bij meisjes, en met name wanneer de moeder van het kind niet rookt. Het effect bij jongens is onvoldoende aangetoond.

Uit het onderzoek mag voorzichtig geconcludeerd worden dat er wel degelijk een verband is tussen roken en de volgende generaties. Veel oudere studies richtten zich op vaders. Nu blijkt dat ook moeders en oma’s een duidelijke rol spelen. Vreemd genoeg veroorzaakte het beschadigd DNA bij de tweede generatie weinig autisme, maar werd dit wel doorgegeven aan de derde generatie.

Is oma het schuld?

Het is een beetje resoluut om oma de schuld te geven wanneer het kleinkind autisme heeft. Er zijn meerdere factoren die autisme veroorzaken. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen primair en secundair autisme. Ook krijgt niet iedere rokende oma kleinkinderen met autisme. Toch is dit weer een reden om te stoppen met roken, liever vandaag dan morgen. Want afgezien van deze verontrustende onderzoeksresultaten, blijft ook de eigen gezondheid belangrijk.

Bron:
https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/28448061
Foto: Pixabay
De artikelen op deze website zijn van informatieve aard en geen vervanging voor professioneel medisch advies of behandeling. Raadpleeg bij medische problemen of vragen altijd een arts of verloskundige. *Policy* *Disclaimer*

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.